Duurzaamheid in de horeca is al lang geen trend meer, maar een verwachting. Niet alleen restaurants nemen hun verantwoordelijkheid serieuzer, ook gasten letten meer op waar hun eten vandaan komt, hoe het wordt geproduceerd en welke impact een restaurant heeft op mens en milieu.
Waarom dit belangrijk is voor ondernemers in de Horeca
Meer dan de helft van alle Nederlanders vindt dat hun gedrag direct invloed heeft op klimaatverandering. Hier sluiten hun eet- en drinkkeuzes op aan. Gasten zoeken naar horeca die zich óók inzet voor duurzaamheid. Dit trekt dus niet alleen bepaalde gasten aan, maar kan op lange termijn ook kosten besparen, mits op de juiste manier ingezet.
In dit blog bespreken we 5 tips en trends voor duurzaam ondernemen in de horeca in 2026. Niet als theoretische plannen die in de la blijven liggen, maar als concrete stappen waarmee restaurants gelijk kunnen beginnen.
1. Maak gebruik van lokale, seizoensgebonden producten
Deze producten zijn niet alleen lekkerder, ze zijn ook nog milieuvriendelijker omdat er geen lange reis nodig is om de producten hierheen te brengen. Deze korte reis zorgt er ook voor dat de inkoopprijs lager ligt.
Daarnaast is het voor gasten veel tastbaarder wanneer groenten bij de boer om de hoek worden gehaald, en brood bij de lokale bakker. Dit zorgt voor een sterker verhaal dan de algemene claim over “duurzame ingrediënten”.
Niet ieder restaurant hoeft zoals Restaurant de Kas te werken met een eigen kas, maar begin bij wat lokaal en vers is, en wat past bij het seizoen. Denk aan een seizoensmenu, met groenten die op dat moment beschikbaar zijn, maak afspraken met lokale ondernemers in de buurt (zoals bakkers) en communiceer dit duidelijk via de menukaart.
2. Kook zoveel mogelijk “zero waste”
Een van de grootste duurzaamheidsproblemen in de horeca is voedselverspilling. Méér dan een derde van het wereldwijde geproduceerde eten wordt weggegooid. Dit is minimaal 1,3 miljard ton per jaar.
Dit is niet alleen een verspilling van kostbare bronnen, maar het leidt ook tot vuilnisbelten waar het eten ligt te rotten. Door gebruik te maken van elk aspect van een ingrediënt wordt voedselverspilling zoveel mogelijk tegengegaan.
Denk hierbij aan het gebruiken van wat normaal wordt gezien als restjes, zoals bepaalde stukken (afval)vlees, overrijpe producten, schillen en stengels. Gebruik dit bijvoorbeeld in een bouillon of gebruik het als compost in eigen tuin. Benut oud brood in paneermeel of croutons, en stem de porties beter af op wat gasten daadwerkelijk eten.
Maak voedselverspilling meetbaar door te kijken naar productverlies bij de mise-en-place en producten die over de houdbaarheidsdatum raken maar kijk ook naar wat terugkomt naar de keuken. Zo valt op waar het grootste verlies plaatsvindt. Zero waste is niet alleen goed voor het milieu, het is ook goed ondernemerschap.
3. Koop slimmer in om verspilling te verminderen
Onze derde tip sluit eigenlijk feilloos aan bij de vorige. Hoe scherper je inkoopt, hoe minder je onnodig hoeft weg te gooien. Het is begrijpelijk om op gevoel in te kopen bij drukte, personeelstekort en natuurlijk met wisselende reserveringen, maar toch is het mogelijk hier inzicht in te krijgen:
- Gebruik verkoopdata uit het kassasysteem voor hoeveelheden
- Neem reserveringen en weersverwachting mee indien mogelijk
- Analyseer (regelmatig) welke gerechten populair of minder populair zijn en pas daar jouw aankoop op aan.
- Vraag leveranciers of flexibele hoeveelheden mogelijk zijn, en werk eventueel met kleinere, frequentere leveringen
- Laat ingrediënten in meerdere gerechten terugkomen
- Maak menu’s korter en efficiënter
Een kleine kaart is vaak duurzamer dan een uitgebreide kaart. Minder ingrediënten betekent minder opslag en meer focus in de keuken. Ook kan het de kwaliteit verbeteren, omdat het team gerechten vaker maakt en beter beheerst.
4. Zet meer plantaardige opties op het menu
Vegetarische en zelfs vegan opties sluiten feilloos aan bij de normen en waarden van gasten anno 2026. Steeds meer Nederlanders kiezen voor een (deels) plantaardig dieet. Een keuze voor plantaardig voedsel ten opzichte van dierlijk voedsel betekent een lagere CO2-voetafdruk, waterbesparing, en minder landgebruik.
Behandel plantaardige opties niet als bijzaak ergens onderaan de menukaart. Geef plantaardige opties de aandacht die ze verdienen, als volwaardige gerechten. Denk in dit geval niet alleen aan veganisten en vegetariërs, maar ook aan de groep flexitariërs die steeds vaker vlees links laten liggen. Zonder dat daarvoor op smaak ingeleverd hoeft te worden.
Daarnaast is de interesse in vezels ook toegenomen door social media. Het doel is om minstens 30-40 gram vezels binnen te krijgen. Denk hierbij aan een toenemende vraag naar peulvruchten, groenten en fruit, maar ook volkoren producten.
Maak plantaardige opties zichtbaar, lekker en geef ze een logische plek binnen je horecaconcept. Vegetarisch is allang niet meer iets wat door een enkeling gekozen wordt, maar iets wat toegankelijk moet zijn voor iedereen.
5. Bespaar energie en gebruik groene energie, binnen en buiten het restaurant
Energie besparen in de horeca begint vaak in de keuken. Omdat apparatuur snel veel uren per dag staat te draaien, kunnen kleine veranderingen al een groot verschil maken.
Gebruik nieuwe, zuinige apparaten ipv verouderde energie-slurpende apparaten. Onderhoud deze goed om de levensduur te verlengen, en de prestaties te verbeteren. Zet deze pas aan als dat écht nodig is, en gebruik de eco-stand wanneer mogelijk.
Gebruik je al groene energie? Dat mag best gecommuniceerd worden. Maak het, net als in de eerdere tip, wel weer specifiek. “Wij gebruiken groene energie geproduceerd door Nederlandse windmolens”, klinkt tastbaarder dan alleen “wij zijn duurzaam”.
Ook binnen transport valt hier nog wat te winnen. Denk hierbij aan elektrische bestelbussen, scooters en e-bikes. Zeker in steden waarin strenge milieuregels gelden kan dit interessant zijn. Bundel leveringen wanneer dit mogelijk is, en beperk spoedjes. Dit scheelt weer energie.
Wie energie slim inzet, bespaart niet alleen op uitstoot, maar ook op kosten, tijd en soms zelfs onnodige kilometers.
Voorkom greenwashing en strooi niet met duurzaamheidsclaims
Greenwashing betekent dat een bedrijf duurzamer lijkt dan dat het is. Dit hoeft niet eens opzettelijk te zijn, zo kunnen loze termen als “groen” en “klimaatvriendelijk” zonder verdere onderbouwing hier al toe leiden.
In 2026 worden de Europese regels rondom duurzaamheid aangescherpt. Ondernemers moeten kunnen onderbouwen wat zij claimen. Denk hierbij aan communicatie op de menukaart, socials en de website. Wees concreet, en zorg dat je de claims kunt bewijzen. Gebruik alleen keurmerken die betrouwbaar én relevant zijn.
Het hoeft niet gelijk perfect te zijn. Gasten begrijpen dat een restaurant niet in één keer helemaal duurzaam kan zijn. Wel willen ze merken dat jouw keuzes eerlijk, bewust en geloofwaardig zijn.